Stichting voor Japanse en
Okinawaanse Krijgskunsten
Marwixstraat 35–39
9726 CB Groningen
Telefoon 050–3112119
Internet www.sjok.nl
E-mail info@sjok.nl

De stichting gaf vroeger een eigen magazine, Budo no kokoro, uit dat als platform diende voor toegankelijke en gewaardeerde artikelen. Die traditie zetten we—nu digitaal—voort.
Als je een suggestie voor toevoeging van een titel of reeks hebt, schrijf die dan aan de Als je hier een eigen artikel gepubliceerd wilt zien, kun je contact opnemen met het van de stichting.
Dikwijls wordt gezegd dat de beoefening van aikido goed mogelijk is voor iedereen: man en vrouw; jong en oud. Maar hoe gaat dat in werkelijkheid? En wat als iemand met een handicap aikido wil beoefenen?
Deze syllabus behandelt de harde variant van ‘pushing hands’—een partneroefening die in Goju-ryu getraind wordt om close combat en haar (on)mogelijkheden te onderzoeken.
Deze engelstalige syllabus behandelt de terminologie van het Goju-ryu curriculum.
Aan de voet van een ficus religiosa verwierf de Boeddha 2500 jaar geleden na lang zoeken een diep inzicht in de werkelijkheid. In hoeverre lijkt de ruimte waar wij de krijgskunsten beoefenen nog op de voet van de bodhi boom?
In mijn dagelijks leven is trainen in budo altijd aanwezig. Maar voor het eerst in mijn loopbaan als aikido-leraar heb ik ook buiten mijn dojo een druk gevuld programma. Dat noodzaakt mij tot reflectie.
Sommigen van ons vragen zich wel eens af of er een verband bestaat tussen het beoefenen van een krijgskunst en onze persoonlijke of spirituele ontwikkeling. Zijn de Oosterse krijgskunsten niet geworteld in allerlei mooie tradities die ons brengen naar Verlichting of inzicht? Professor John Keenan schreef een tijd geleden een kritisch artikel over enkele aspecten van deze vraag. Een van zijn conclusies was, dat Westerse beoefenaars van Oosterse krijgskunsten vaak denken dat ze met hun krijgskunst voldoen aan boeddhistische idealen, terwijl dat maar de vraag is. Professor Stewart McFarlane voelde zich geprikkeld door dit artikel en schreef een uitgebreide respons, waarop Keenan nog kort reageerde. Polemisch leesvoer voor de donkere feestdagen en een prikkelende start van een nieuw jaar!
I. John P. Keenan, ‘Spontaneity in Western Martial Arts – a Yogacara Critique of Mushin (No-Mind)’, Japanese Journal of Religious Studies 1989, 16/4, 285-298.
II. Stewart McFarlane, ‘Mushin, Morals, and Martial Arts – A Discussion of Keenan’s Yogacara Critique’, Japanese Journal of Religious Studies 1990, 17/4, 397-420.
III. John P. Keenan, ‘The Mystique of Martial Arts: A response to Professor McFarlane’, Japanese Journal of Religious Studies 1990, 17/4, 421-432.
IV. Stewart McFarlane, ‘The Mystique of Martial Arts - -A Reply to Professor Keenan's Response’, Japanese Journal of Religious Studies 1991, 18/4, 355-368
Aikido duikt regelmatig op in cursussen en trainingen in het bedrijfsleven. Aikido leert de manager dan om ‘de kracht van de tegenstander te gebruiken’ of ‘in zijn centrum te staan’. Ik denk dat het inderdaad een van de sterke punten van Aikido is, dat het zich, met voldoende kennis en inzicht, breed laat toepassen. In dit artikeltje, dat ik schreef naar aanleiding van een workshop ‘Aikido & Werkdruk’, geef ik een beknopte omschrijving van Aikido voor mensen die benieuwd zijn naar die brede toepasbaarheid.
Op een zondagmiddag in de winter van 2005 zitten Jan en ik in zijn woonkamer. De sfeer is anders dan ik gewend ben. In de kamer ernaast slaapt zijn pasgeboren zoon: Andras. Heel duidelijk niet de dojo waar we elkaar regelmatig te lijf gaan! Maar toch heeft de sfeer iets bekends. Het kenmerkende ontspannen gedrag van Jan is daar de oorzaak van. Het is een prettig gesprek. Eén klein vraagje leidt iedere keer tot een zeer uitgebreid antwoord. Een aantal kritische vragen over en weer, de open sfeer en om de zoveel tijd wordt hard gelachen. Ook heel typisch Jan. Het ene moment heel serieus en seconde later een clown. Of ´Entetrainer´ zoals hij zichzelf omschrijft.
Op 4 februari verzorgde Christiaan een stage en een lezing voor het JBN-district Midden-Nederland. Het onderwerp van de lezing was de komst van aikido naar Nederland rond 1960. Voor deze gelegenheid bracht ik de resultaten van bescheiden onderzoek bijeen in het bovengenoemde bundeltje. Op de omslag schreef ik: "De bloeiende diversiteit aan aikidō-initiatieven en het groeiende aantal zeer bekwame en inspirerende aikidōleraren dat Nederland anno 2006 kent, zijn een groot goed. Hoewel aikidō ons oefent in vrede en verbinding, zorgt zijn organisatie nogal eens voor onenigheid, zo leert de geschiedenis ons. Als er zoiets bestaat als ‘het’ Nederlandse aikidō, dan mag dit essay beschouwd worden als een verhaal over zijn familie, jeugd en puberteit."
Een nadere aankondiging van het verschijnen van dit bundeltje vind je hier.
De tekst van de inleiding is hier te lezen.